De geschiedenis van Nederland is altijd sterk vervlochten geweest met transport over water. Een belangrijk vaarwater voor dat transport vormden het Almere en later de Zuiderzee, als gigantisch verkeersplein, gelegen in het centrum van de Lage landen.
De 450 scheepswrakken in de provincie Flevoland vormen de neerslag van dit maritieme verleden. Van deze wrakken liggen er nu nog tachtig in de bodem, terwijl er jaarlijks nog één à twee nieuwe vindplaatsen van scheepswrakken bijkomen (zie ook www.verganeschepen.nl).
Door een lage grondwaterstand en een zuurstofrijke omgeving bestaat het gevaar dat het scheepshout sterk achteruitgaat en ten slotte verrot en verdwijnt. Van de tachtig scheepswrakken zijn er daarom achttien beschermd binnen een wand van plastic folie, waardoor een hoge grondwaterstand wordt gehandhaafd. Daarnaast zijn veertien wrakken enigermate beschermd door een aarden verhoging. Op de overige vindplaatsen is het om uiteenlopende redenen onmogelijk beschermende maatregelen te nemen.
Op 24 november 2006 hebben vijf instanties, te weten de provincie Flevoland, de gemeente Lelystad, de Rijksuniversiteit Groningen (RuG), de Rijksdienst voor Archeologie, Cultuurlandschap en Monumenten (sinds 1 mei 2009 Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed) en Nieuw Land, een samenwerkingsovereenkomst getekend om het maritiem archeologisch universitair onderwijs en onderzoek te versterken. Deze overeenkomst beoogde de instelling van een Flevoland-leerstoel Maritieme Archeologie aan de RuG, de aanstelling van een bijzonder hoogleraar bij Nieuw Land, en het verzorgen van onderwijs en de organisatie van een jaarlijkse internationale veldschool voor maritieme archeologie in Flevoland. Achterliggende gedachte is dat op deze manier de bestaande maritieme archeologische kennis kan worden overgedragen en uitgebouwd, en gegevens die verloren dreigen te gaan, kunnen worden vastgelegd.
Op 1 september 2008 is de opleiding maritieme archeologie aan de Universiteit van Groningen van start gegaan. De opleiding vormt een afstudeervariant binnen de tweejarige research master Art History and Archaeology.
Gedurende de maand juni organiseert de IFMAF ieder jaar een Fieldschool. Vanaf de opgraving in 2009 houden de studenten een weblog bij. Het verslag van de opgraving kunt u lezen op http://ifmaffieldschool.blogspot.com/.
Bijzonder hoogleraar en contactpersoon is prof.dr. A.F.L. (André) van Holk, tel. 0320-225 937 en e-mail a.vanholk@nieuwlanderfgoed.nl
The low groundwater level and oxygen-rich environment of the polder can have a devastating effect on the wood of the ships, causing it to rot and disappear. Eighteen of the 80 shipwrecks are therefore protected by a wall of sheet plastic that keeps the groundwater level high. Another 14 wrecks are protected to a certain degree by earthen elevations. For various reasons it is impossible to take protective measures at the other sites.
On 24 November 2006 five bodies - the province of Flevoland, the municipality of Lelystad, the University of Groningen, the National Service for Archaeology, Cultural Landscapes and Built Heritage (since 1 May 2009: Cultural Heritage Agency) and the Nieuw Land Heritage Centre - signed a cooperation agreement aimed at strengthening maritime archaeology university education and research. The agreement specifically provides for an endowed chair at the University of Groningen (the Flevoland Chair for Maritime Archaeology), an endowed chair at Nieuw Land, and the provision of education and the organisation of an annual international field school in maritime archaeology in Flevoland. The idea behind these projects is to ensure that existing maritime archaeological knowledge is transferred and expanded and to secure data that is in danger of being lost.
The University of Groningen launched its new Maritime Archaeology degree programme on 1 September 2008. The programme is a specialisation within the two-year research Master's in Art History and Archaeology.
Each year in June the International Field School for Maritime Archaeology Flevoland (IFMAF) hosts a field school. During the field school the students will update a weblog. The excavation report (in Dutch) can be found at http://ifmaffieldschool.blogspot.com/.
The professor occupying the endowed chair and contact person is Prof. Dr A.F.L. (André) van Holk, tel. + 31 (0)320-225 937, e-mail a.vanholk@nieuwlanderfgoed.nl.
Vorige: Publicaties
Volgende: Steunpunt Archeologie en jonge Monumenten Flevoland