Home + Archief + Waterschrijvers

Waterschrijvers Z

Zandstra, Evert

(Lippenhuizen 25 dec. 1897 - Bennekom 4 aug. 1974), onderwijzer, schrijver. Was kortstondig onderwijzer te Beets, Drachten, Terwispel, Terhorne en IJmuiden, en langere tijd in Santpoort. Verrichtte, vanuit zijn belangstelling voor landschap en natuur, literatuurstudies over botanie en geologie. Ontwikkelde zich in de jaren dertig als romancier en schrijver van jeugdboeken, landschapsstudies en reisverhalen, aanvankelijk in het Fries, later in het Nederlands. Naast verscheidene novellen en enkele toneelstukken, legde hij zich vooral toe op romans, waarin zijn sociale bewogenheid en liefde voor mens en natuur tot uiting komen, zoals Het klotsende meer (1939), Volk van waterland (1942), De stem van de zee (1947), Het Princehof (1948), Het Water (1950) en Onbekend Nederland (1959). Schreef ook biografieën, verhalen over de prehistorische mens - zoals in Tenten bij de beek (1965) - en de autobiografische roman De liefde van Nanda Azinga (postume uitgave 1975). Zijn laatste levensjaren verliepen vol tragiek. Ref.: BJ75, De Fleanende Krie 1996 n2 p9, EF, EW, LNA, LNL, PVL, WH 1974 p245, WP7. (vdt660)
«

Zillesen, Cornelis

(1736 - Rotterdam 25 mrt. 1828), ambtenaar, landmeter. Werkte als belastingbeambte in Schoonhoven en Schiedam, als patriot verbannen. Maakte tijdens jarenlange omzwervingen notities die hij na 1800, woonachtig te Rotterdam, publiceerde. Schreef over financiële onderwerpen, vaderlandse geschiedenis en waterstaat, w.o. Plan hoe alle rivieroverstroomingen bij open water of ijsverstopping ... zouden kunnen worden voorgekomen ...(1821). Ref.: NBW9, WBV. (vdt661)
«

Zinderen Bakker, Eduard Meine van

Titelblad van: De West-Nederlansche Veenplassen...

Titelblad van: De West-Nederlansche Veenplassen, een geologische, histirische en biologische Landschapsbeschrijving van het water- en moerasland. / van Zinderen Bakker. - 1e druk. - Amsterdam : Allert de Lange, 1947

(kleinzoon van de politicus en dichter Rindert van Zinderen Bakker; Kortezwaag, gem. Opsterland 15 apr. 1907 – Somerset West, Zuid Afrika 19 mrt. 2002), palynoloog, consul, hoogleraar. Volgde het MO in Apeldoorn en studeerde plantkunde aan de UvA waar hij in 1933 promoveerde. Was vervolgens leraar biologie in Apeldoorn en emigreerde in 1947 met gezin naar Zuid Afrika. Hier was hij tot 1972 hoogleraar plantkunde aan de Universiteit van Oranje Vrijstaat in Bloemfontein. Daarnaast was hij van 1953 tot 1973 honorair consul van Nederland voor Oranje Vrijstaat en Basutoland. Van zijn Nederlandse publicaties noemen we: Het Naardermeer; een geologische, historische en botanische landschapsbeschrijving van Nederlands oudste natuurmonument (1942) en De West-Nederlandsche veenplassen; een geologische, historische en botanische landschapsbeschrijving van het water- en moerasland (1947). Ref.: Review of Palaeobotany and Palynology 2002 p99-100, WWN63. (vdt661a)
«

Zonneveld, Jan Izaäk Samuel

(Kampen 31 aug. 1918 - Zeist 3 juni 1995), geoloog, fysisch-geograaf, hoogleraar. Studeerde geologie en promoveerde aan de RU te Leiden op Het Kwartair van het Peelgebied en de naaste omgeving (1947). Werkte als geoloog bij het Geologisch Bureau van het Mijngebied te Heerlen, bij de luchtkartering te Paramaribo en bij de GD te Haarlem. Was, als opvolger van J.B.L. Hol, tot aan zijn pensionering hoogleraar in de fysische geografie aan de RU te Utrecht. Was een gemotiveerd natuur- en landschapsbeschermer en een liefhebber van poëzie. Ontving een eredoctoraat van de RU te Groningen en was erelid van het KNAG. Zijn meest bekende publikaties zijn: Tussen de bergen en de zee; de wordingsgeschiedenis der Lage Landen (1964) en Levend Land; de geografie van het Nederlandse landschap (1985). Ref.: HGT 1995 n3 p89-90, WWN1, WWN2, WWN63. (vdt662)
«

Zuidema, Johann

(Den Andel 11 apr. 1868 - Paterswolde 3 mrt. 1944), onderwijzer, lokaal historicus. Was onderwijzer te Warffum; tekende, schilderde en schreef over taal, geschiedenis en volksleven. Zijn meest bekende werk is: Geschiedenis van het Waterschap Noordpolder 1810-1911, benevens der voorbereidingen tot de "indijkinge der Noordpolder" 1805-1810 en bijdrage tot de geschiedenis der kustbewoners in het noorden der provincie Groningen (1914). (vdt663)
«

Zuur, Albert Jan

Titelblad van rapport: Rapport oven de inklinking in de Noordoostpolder..

Titelblad van rapport: Rapport over de inklinking in de Noordoostpolder / A.J. Zuur. – Zwolle: Rijksdienst voor de IJsselmeerpolders, 1964. – (Flevobericht; A no. 44)

(Elburg 22 jan. 1902 - Kampen 2 dec. 1961), bodemkundige, hoogleraar. Studeerde en promoveerde in 1938 aan de LHS te Wageningen. Begon als pionier met bodemonderzoek in de drooggevallen Zuiderzeepolders. Werd in 1939 benoemd tot hoofd van de bodemkundige afdeling van de Directie Wieringermeer (Noordoostpolderwerken). Werd, als erkend deskundige op het gebied van met zeewater geïnundeerde gronden, ingeschakeld bij herinrichting van overstroomde gebieden in binnen- en buitenland. Werd in 1951 benoemd tot hoogleraar te Wageningen in het in cultuur brengen van drooggevallen gronden. Schreef o.m. Ontstaan en aard van de bodem van de Noordoostpolder (1951) en redigeerde het jubileumwerk Langs gewonnen velden, facetten van Smedings werk (1954). Ref.: BJ62, LW 1961 n6 p233. (vdt664)
«

Zuurdeeg, Joan

(roepnaam: Hans; Leiden 13 sep. 1911 – Middelburg 29 dec. 2004), ingenieur. Werkte, na in 1935 te zijn afgestudeerd aan de TH in Delft, van 1937 tot 1941 bij de Genie in Den Haag en daarna bij verschillende diensten van RWS: het Bureau Sluizen en Stuwen in Utrecht, van 1949 tot 1953 bij het arrondissement Breda en daarna Maastricht. Was van 1961 tot 1976 HID van de Directie Zeeland. Schreef technisch-historische artikelen in Historisch Jaarboek voor Zuid- en Noord-Beveland, Land en Water, OTAR en Zeeuws Tijdschrift w.o. Wegen in Nederland (1970) en De Westerschelde, zeearm en scheepvaartweg (1975). Ref.: AB, LW 1962 n4 p131. (vdt664a)
«

Vorige: Y